Een gouden kern, omhuld door lagen van rood en roze — een ziel die nog gloeit, maar langzaam wordt opgeslokt. Donkere golven wervelen er omheen, diepblauw en onverbiddelijk, als een stroom die meesleurt zonder te vragen. Op de achtergrond: vage lijnen, kruisende paden, een wereld vol richting — maar geen enkele voelt vertrouwd meer.
Getting lost is geen val. Het is langzaam verdwijnen in het blauw — terwijl er diep van binnen nog altijd iets goud blijft branden.